Melding van belastingstructuren kan ook voor u gelden

Op 25 mei 2018 stelde de Raad van de Europese Unie de Mandatory Disclosure Richtlijn vast. Deze legt in de kern een verplichting op tot (zelf)rapportage aan iedereen die met grensoverschrijdende zaken te maken krijgt die fiscaal voordelig zijn. Vanaf 2020 worden de gegevens binnen Europa uitgewisseld. Het bijhouden is al vanaf 25 juni 2018 verplicht.

Voor “grensoverschrijdende constructies” bestaand en geïmplementeerd op of na 25 juni 2018

De eerste meldingen moeten gedaan worden voor 31 augustus 2020. De eerste internationale uitwisseling vindt naar verwachting plaats in september-oktober 2020. Echter, de verplichting inzake rapportage is nu al ingegaan. Hoe de melding vanaf de zijde van de autoriteiten wordt vormgegeven is nog onbekend, maar er komt een standaardformulier. Voor u is het van belang dat u de constructies die u in de periode vanaf 25 juni 2018 tegenkomt goed bijhoudt zodat u te zijner tijd kunt voldoen aan uw meldingsplicht.

Wie moeten melden?

De meldingsplicht rust in eerste instantie op de intermediair. Een intermediair is een deskundige en dus vaak een belastingadviseur, maar het kan bijvoorbeeld ook een trust-officer of bancair adviseur zijn. Hij moet binnen 30 dagen melden nadat de constructie geschikt is voor implementatie, begonnen is met de implementatie of zijn hulp, bijstand of advies heeft verstrekt ten behoeve van de constructie. Het kan echter voorkomen dat er geen intermediair betrokken is, bijvoorbeeld bij een grote onderneming met een eigen bedrijfsfiscalist of bij kleine zaken die de ondernemer/privépersoon zelf onderneemt. In dat geval verschuift de meldplicht naar de belastingplichtige en moet deze zelf melden.

Wat moet gemeld worden?

Het gaat in eerste instantie om “constructies” die (1) grensoverschrijdend zijn en (2) waarvan het belangrijkste voordeel een redelijkerwijs te verwachten belastingvoordeel is. Dit is veel breder dan het lijkt: het gaat niet enkel om constructies met belastingparadijzen. In Bijlage IV van de richtlijn staat een uitgebreide opsomming van wezenskenmerken die iets een “constructie” maken en daardoor in aanmerking komen voor de verplichte melding.

De lijst is te lang om hier uit te werken. Wel merken we op dat het naast juridische constructies ook gaat over grensoverschrijdende transacties waarbij fiscaal voordeel te behalen valt. Bijvoorbeeld doordat in twee landen voordelen bestaan als gevolg van een verschillende fiscale behandeling in beide landen (denk bijv. aan de Nederlandse deelnemingsvrijstelling aan de ene kant en aftrek van ‘het dividend’ aan de andere kant). Verrekenprijzen en informatie-uitwisseling kunnen eveneens onderwerp zijn van een verplichte melding.

Hoe ziet een melding eruit?

Gezien de verplichting om vanaf 25 juni 2018 de meldingswaardige constructies bij te houden, moet in eerste instantie intern de volgende informatie verzameld worden, welke vervolgens op het standaardformulier ingevuld dient te worden: identificatiegegevens intermediair & belastingplichtige, de bijzonderheden die leiden tot melding, samenvatting van de constructie, datum eerste stap implementatie, nationale bepalingen die aan de basis liggen van de structuur, de waarde van de constructie, de betrokken lidstaten en identificatiegegevens van de beïnvloede betrokkenen.