Blog: Kabinet fel in bestrijden faillissementsfraude

De strijd tegen faillissementsfraudeurs heeft sinds enkele jaren vanuit het kabinet prioriteit gekregen. Dat heeft zijn uitwerking niet gemist. Er worden beduidend meer faillissementsfraudezaken door het openbaar ministerie opgespoord en aan de strafrechter voorgelegd. Wat betekent dit voor de accountant?

‘Een bedrijf zonder fatsoenlijke boekhouding is als een chauffeur zonder rijbewijs.’

Vanessa Eschauzier-van WijkVerscherpte wetgeving administratieplicht

Eind 2013 legde de minister van Veiligheid en Justitie het voorstel Wet herziening strafbaarstelling faillissementsfraude voor. Het wetsvoorstel is op 5 april 2016 aangenomen door de Eerste Kamer en treedt vermoedelijk per 1 juli 2016 in werking. Deze nieuwe wet beoogt bij te dragen aan een effectievere bestrijding van faillissementsfraude. Centraal in dit voorstel staat aanscherping en uitbreiding van strafbaarstelling van de administratieplicht.

Intensivering aanpak faillissementsfraude

Daarnaast zijn er de afgelopen jaren meerdere initiatieven ontplooid die de intensievere aanpak van faillissementsfraude beogen. Zo is er in Den Haag een succesvolle pilot Bestrijding eenvoudige faillissementsfraude gestart om te komen tot een effectievere opsporing, vervolging en berechting van eenvoudige faillissementsfraude. Voor de curatoren zijn er lokaal fraudespreekuren ingevoerd.

Wat is faillissementsfraude?

Bij faillissementsfraude gaat het om vooropgezette plannen om schuldeisers te benadelen. In juridische termen wordt dit ook wel ‘bedrieglijke bankbreuk’ genoemd. Het benadelen van schuldeisers wordt veroorzaakt door bijvoorbeeld:

  • onttrekking van goederen aan de boedel
  • geen of een onjuiste administratie voeren
  • de administratie vernietigen of ontvreemden
  • het niet verantwoorden van baten
  • verkoop van goederen onder de marktprijs
  • bevoordeling van bepaalde schuldeisers boven de andere schuldeisers

Eenvoudige & complexe faillissementsfraudezaken

Bij faillissementsfraude wordt onderscheid gemaakt tussen eenvoudige en complexe zaken. Bij eenvoudige faillissementsfraude gaat het om zaken waarin een deugdelijke administratie ontbreekt en/of zaken waarin sprake is van onttrekkingen aan de boedel. De opsporing van eenvoudige zaken wordt door de politie gedaan.

Als de omvang van de onttrekkingen aanzienlijk is en het gaat om complexere of meer gevoelige zaken, wordt de opsporing opgepakt door de Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst (FIOD). Denk bijvoorbeeld aan veelplegers die doelbewust bv’s opkopen om ermee te frauderen. De straffen die geëist worden zijn in deze zaken hoger.

Het belang van een deugdelijke administratie

De administratie vormt een sleutelpositie bij de bestrijding van faillissementsfraude, zo is op te maken uit het wetsvoorstel. Uit de aanwezige administratie moet de curator kunnen opmaken wat op de datum van het faillissement de rechten en verplichtingen van de onderneming zijn zodat beheer en vereffening van de failliete boedel mogelijk is. Een ondernemer is dan ook verplicht zijn administratie goed op orde te hebben.

De gevolgen van een falende administratie

Niet elke ondernemer die zijn boekhouding niet voor honderd procent op orde heeft pleegt faillissementsfraude. Het gaat bij faillissementsfraude om de mensen die dat doelbewust doen en niet meewerken aan verzoeken van de curator om informatie. Constateert een curator dat een deugdelijke administratie ontbreekt, dan is er sprake van faillissementsfraude en zal door de curator aangifte worden gedaan. Immers, het gevolg van het ontbreken van een deugdelijke administratie is dat schuldeisers (kunnen)worden benadeeld omdat geen volledig zicht kan worden verkregen op de omvang van de boedel.

Rol van accountant

Voor de accountant is het van belang om alert te zijn bij een dreigend faillissement waarbij vermoedens zijn van faillissementsfraude. Het is zeer wenselijk een procedure voorhanden te hebben. Het Besluit toezicht accountantsorganisatie voorziet in een dergelijke procedure. Op grond van de Wet toezicht accountantsorganisatie is er bij een redelijk vermoeden van fraude een meldplicht bij de opsporingsdiensten, tenzij de zojuist genoemde procedure succesvol wordt doorlopen.

Vragen?

Bij vragen over dit onderwerp kunt u contact met ons opnemen en vragen naar Vanessa Eschauzier-van Wijk.

  • 10-04-2016
  • Vanessa Eschauzier-van Wijk